Monopoly bordspel: zo speel je volgens de officiële regels
Leer het Monopoly bordspel spelen met een heldere uitleg van voorbereiding, kopen, huren, bouwen, gevangenis, veilingen en winnen.
Het monopoly bordspel draait om kopen, ruilen en bouwen. Je probeert complete kleurgroepen te verzamelen, huur te innen en andere spelers financieel uit te putten. Wie als laatste niet failliet is, wint. Toch ontstaan tijdens veel spelavonden discussies over veilingen, Vrij Parkeren, huur en drie keer dubbel gooien.
In deze uitleg staat de klassieke spelvolgorde overzichtelijk bij elkaar. Je leest hoe je het bord klaarzet, wat er tijdens een beurt gebeurt en welke bekende huisregels geen onderdeel zijn van het officiële basisspel. Controleer bij een speciale editie wel altijd de eigen handleiding, want details kunnen per uitvoering verschillen.
Monopoly in het kort
Monopoly is een onderhandelend bordspel voor 2 tot en met 6 spelers. Tijdens een beurt gooi je met twee dobbelstenen, verplaats je je pion en voer je de actie uit van het vakje waarop je eindigt. Je kunt straten, stations en nutsbedrijven kopen. Komt een andere speler op jouw eigendom terecht, dan kan die speler huur verschuldigd zijn.
Het doel is niet om zo veel mogelijk bezit te verzamelen, maar om financieel overeind te blijven terwijl tegenstanders failliet gaan. Geld alleen is daarom niet genoeg. Een speler met veel eigendommen maar weinig beschikbare cash kan alsnog snel in de problemen komen.
Het Monopoly bordspel voorbereiden
Zet het bord op tafel en leg de stapels Kans en Algemeen Fonds op hun vaste plaatsen. Iedere speler kiest een pion en zet die op START. Kies daarna een bankier. Die persoon beheert het geld van de bank, de eigendomsbewijzen, de huizen en de hotels. De bankier mag zelf ook meespelen, maar houdt het eigen geld gescheiden van de bankvoorraad.
In de klassieke voorbereiding ontvangt iedere speler:
- 2 biljetten van €500
- 4 biljetten van €100
- 1 biljet van €50
- 1 biljet van €20
- 2 biljetten van €10
- 1 biljet van €5
- 5 biljetten van €1
Iedereen gooit met de dobbelstenen. De speler met de hoogste worp begint. Daarna gaat het spel met de klok mee verder.
Zo verloopt een beurt
Een beurt bestaat meestal uit vier stappen:
- Gooi met beide dobbelstenen.
- Verplaats je pion het aantal ogen.
- Voer de actie van het vakje uit.
- Geef de dobbelstenen door, tenzij je dubbel hebt gegooid.
Gooi je dubbel, dan voer je eerst de actie uit van het vakje waarop je belandt. Vervolgens mag je nogmaals gooien. Drie keer achter elkaar dubbel betekent dat je direct naar de gevangenis gaat. Je maakt de derde worp dan niet meer als een normale beweging af.
Passeer je START of land je erop, dan ontvang je €200 van de bank. Ga je door een kaart rechtstreeks naar de gevangenis, dan passeer je START niet en ontvang je daarvoor geen salaris.
Eigendommen kopen en veilingen
Land je op een onverkochte straat, station of nutsbedrijf, dan mag je het eigendom kopen voor de prijs op het bord of eigendomsbewijs. Na betaling krijg je de bijbehorende kaart.
Wil je niet kopen, dan volgt er een veiling. Alle spelers mogen meebieden, ook degene die het eigendom zojuist niet wilde kopen. De spelers bepalen samen het startbod. De hoogste bieder betaalt aan de bank en ontvangt het eigendomsbewijs.
Die veiling is geen optionele huisregel. Wie onverkocht bezit zonder veiling laat liggen, verandert de balans van het spel. Een korte bieding kan bovendien interessant zijn wanneer je weinig geld hebt, maar een eigendom wel goedkoop kunt binnenhalen.
Huur betalen en kleursets verzamelen
Kom je op een eigendom van een andere speler terecht, dan betaal je de huur die op het eigendomsbewijs staat. De eigenaar moet de huur opeisen voordat de volgende speler met de dobbelstenen gooit. Is het eigendom gehypothekeerd, dan is er geen huur verschuldigd.
Een speler die alle straten van dezelfde kleurgroep bezit, vormt een complete set. Bij onbebouwde straten mag de eigenaar dan dubbele huur vragen. Op een straat met een hypotheek kan geen huur worden gevraagd en een gehypothekeerde straat telt niet mee voor het voordeel van de complete groep.
De huur van een station hangt af van het aantal stations dat de eigenaar bezit. Bij nutsbedrijven wordt de huur gekoppeld aan de worp met de dobbelstenen. Wie één nutsbedrijf bezit, ontvangt vier keer het aantal ogen. Wie beide nutsbedrijven bezit, ontvangt tien keer het aantal ogen.
Kans, Algemeen Fonds en Vrij Parkeren
Trek je een kaart van Kans of Algemeen Fonds, voer de opdracht dan meteen uit. Leg de kaart daarna onderaan de stapel, behalve een kaart waarmee je de gevangenis gratis mag verlaten. Die kaart mag je bewaren of met een andere speler ruilen.
Op Vrij Parkeren gebeurt volgens de basisregels niets. Je krijgt daar dus niet automatisch geld uit boetes, belastingen of andere betalingen. Geld op het midden van het bord leggen is een bekende huisregel, maar geen onderdeel van het klassieke basisspel.
Gevangenis: wanneer ga je erin en hoe kom je eruit?
Je gaat naar de gevangenis wanneer je:
- op het vakje Naar de gevangenis landt;
- een kaart krijgt met de opdracht om direct naar de gevangenis te gaan;
- drie keer achter elkaar dubbel gooit.
Je ontvangt geen €200 voor een rechtstreekse verplaatsing naar de gevangenis. Om eruit te komen zijn er drie mogelijkheden:
- betaal €50 en speel daarna weer normaal;
- gebruik een kaart waarmee je de gevangenis gratis mag verlaten;
- probeer tijdens maximaal drie beurten dubbel te gooien.
Lukt het niet om binnen drie beurten dubbel te gooien, dan betaal je €50 en verlaat je de gevangenis. Tijdens je beurt in de gevangenis mag je wel huur ontvangen en onder voorwaarden handelen. Je spel ligt dus niet volledig stil.
Huizen en hotels bouwen
Je mag pas bouwen wanneer je alle straten van een kleurgroep bezit. Huizen bouw je gelijkmatig. Dat betekent dat je niet eerst vier huizen op één straat zet terwijl de andere straten van dezelfde groep leeg blijven. Je bouwt eerst op iedere straat één huis, daarna op iedere straat een tweede huis, tot maximaal vier huizen per straat.
Een hotel bouw je pas wanneer op iedere straat van de kleurgroep vier huizen staan. Je ruilt de vier huizen in voor een hotel en betaalt de prijs die op het eigendomsbewijs staat. Een hotel verhoogt de huur volgens de tabel op de kaart.
De voorraad huizen en hotels is beperkt. Zijn er niet genoeg stukken beschikbaar voor meerdere spelers, dan moeten de geïnteresseerde spelers erom bieden. Je kunt dus niet onbeperkt extra huizen uit een andere doos halen zonder een afspraak te maken.
Ruilen, verkopen en hypotheken
Spelers mogen onderling onderhandelen over onbebouwde straten, stations en nutsbedrijven. De prijs of ruilvoorwaarde spreken zij samen af. Huizen en hotels verkoop je niet aan een andere speler. Bebouwde straten moeten eerst aan de bank worden terugverkocht voordat je de bijbehorende eigendom kunt verhandelen.
Heb je tijdelijk geld nodig, dan kun je een eigendom hypothekeren. Verkoop eerst alle huizen of hotels van de betreffende kleurgroep aan de bank. Draai daarna het eigendomsbewijs om en ontvang de hypotheekwaarde. Over een gehypothekeerde straat ontvang je geen huur.
Een hypotheek aflossen kost de hypotheekwaarde plus 10 procent rente. Pas wanneer alle hypotheken binnen een kleurgroep zijn afgelost, kun je daar opnieuw huizen bouwen. De bank leent geen geld uit buiten deze hypotheekregeling. Spelers lenen elkaar volgens deze basisregels evenmin geld.
Wanneer ben je failliet?
Kun je een schuld aan de bank of aan een andere speler niet betalen, dan probeer je eerst geld vrij te maken door bezit te verkopen, te ruilen of een hypotheek te nemen. Lukt dat niet, dan ga je failliet en verlaat je het spel.
Is de bank de schuldeiser, dan gaan je resterende geld en bezittingen terug naar de bank. Eigendommen kunnen vervolgens opnieuw worden geveild. Is een andere speler de schuldeiser, dan ontvangt die speler je geld, eigendomsbewijzen en eventuele kaart om de gevangenis te verlaten. Huizen en hotels verkoop je eerst aan de bank voor de terugkoopwaarde.
Een korter potje Monopoly spelen
Een volledig potje kan lang duren. Spreek daarom vooraf een eindtijd af als je een kortere variant wilt. Zodra de tijd om is, maak je de lopende beurt af en vergelijk je de financiële positie van de spelers. In de beschreven korte variant krijgen spelers aan het begin bovendien twee geschudde eigendomsbewijzen en betalen zij daarvoor meteen de aankoopprijs.
Leg de gekozen variant vooraf aan iedereen uit. Zo voorkom je dat een speler pas halverwege ontdekt dat jullie met een andere startopstelling of eindvoorwaarde spelen.
Veelgemaakte huisregels bij Monopoly
De volgende afspraken klinken vertrouwd, maar horen niet bij de klassieke basisregels:
- geld op Vrij Parkeren verzamelen en uitkeren;
- geen veiling houden wanneer een speler een eigendom niet koopt;
- spelers elkaar geld laten lenen;
- extra geld geven bij een bepaalde worp of op een speciaal vakje;
- huur laten vervallen omdat de eigenaar die te laat opeist.
Huisregels zijn prima wanneer iedereen ermee instemt. Zet ze alleen voor de start op tafel. Dat maakt het verschil tussen een bewuste spelvariant en een discussie midden in de beurt.
Veelgestelde vragen over het Monopoly bordspel
Met hoeveel spelers kun je Monopoly spelen?
De klassieke versie is bedoeld voor 2 tot en met 6 spelers. Met twee spelers is er minder concurrentie om eigendommen. Met meer spelers ontstaan sneller veilingen, ruildeals en huurbetalingen.
Krijg je geld als je op Vrij Parkeren komt?
Nee. Volgens de basisregels gebeurt er niets op Vrij Parkeren. Een pot met boetes of belastingen daar neerleggen is een huisregel.
Wat gebeurt er als niemand een straat wil kopen?
De straat wordt geveild. Alle spelers mogen bieden, ook de speler die het eigendom niet rechtstreeks wilde kopen.
Mag je huur vragen als je in de gevangenis zit?
Ja. De gevangenis verhindert niet dat je huur ontvangt of eigendommen bezit. Je kunt tijdens het spel ook blijven onderhandelen, voor zover de gebruikte editie dat toestaat.
Wanneer win je Monopoly?
Je wint wanneer je als laatste speler overblijft die niet failliet is. Het verzamelen van de meeste straten is op zichzelf dus niet de eindvoorwaarde.
Is Monopoly geschikt voor jouw spelavond?
Monopoly past bij spelers die houden van onderhandelen, risico nemen en een spel waarin geldstromen voortdurend veranderen. De uitkomst hangt deels af van de dobbelstenen, maar keuzes over aankopen, veilingen, ruilen en bouwen bepalen hoe je met die onzekerheid omgaat.
Wie vooral snel een spel wil kiezen voor een gezin of vriendengroep, kan ook eerst bordspellen voor gezinnen vergelijken. Voor een avond met verschillende leeftijden helpt een bordspel voor spelavond bovendien om speelduur, sfeer en spelersaantal naast elkaar te leggen. Zoek je juist een spel met meer directe gebiedscontrole, bekijk dan de Risk spelregels uitgelegd voordat je beslist.
Conclusie
Het Monopoly bordspel wordt het duidelijkst wanneer je de basisregels vanaf het begin consequent toepast: veiling onverkochte eigendommen, bouw gelijkmatig, betaal huur op tijd en gebruik Vrij Parkeren zonder bonuspot. Spreek eventuele huisregels vooraf af en houd de bankadministratie gescheiden van het geld van de bankier. Zo blijft de aandacht bij de keuzes die het spel interessant maken: kopen, ruilen, bouwen en op het juiste moment risico nemen.